De Geestendans In 1889 ontstond de "Geestendans-beweging", die zich baseerde op de profetieƫn van Wovoka, een indiaanse profeet van de stam van de Paiuten. Wovoka had in een visioen gezien dat de bleekgezichten door een grote ramp van de aarde zouden verdwijnen. De indianen moesten zich met de geestendans op deze gebeurtenissen voorbereiden. Tijdens dit ritueel dansten de indianen op monotone gezangen en getrommel tot ze van uitputting in trance raakten. In deze toestand hoopten ze hun gestorven stambroeders weer te zien en met hen een reusachtig leger te vormen dat de bleekgezichten zou verslaan en de indianen hun vrijheid terug zou schenken. De Verenigde Staten zagen de Geestendans-beweging als voorspel tot een massale opstand van de indianen, in de eerste plaats van de Sioux. Daarom vroegen ze aan Sitting Bull, het opperhoofd van de Sioux, om deze dans te verbieden. Maar hij lachte de bleekgezichten uit, waarop hij bij een handgemeen werd neergeschoten. Woedend om deze moord wilden de Sioux hun reservaat verlaten en een aantal van hen vluchten de bergen in. Deze ca. 150 mensen werden echter kort daarop, op 29 december 1890 door de zevende U.S.-cavalerie bij Wounded Knee op gruwelijke wijze neergeschoten. Daarmee was het geloof in de geestendans bij alle stammen verloren. Wovonka hief de beweging op met de woorden: "Mijn kinderen, vandaag roep ik jullie op, een nieuw pad in te slaan, het enige dat nog open is - het pad van het bleekgezicht."